Top

De kracht van verbeelding

Een paar maanden geleden was ik in gesprek met studenten die waren vastgelopen in hun afstudeeronderzoek. In een poging om wat positiviteit op te roepen, vroeg ik wat hun grootste motivatiebron was. Eén van de studenten antwoordde: “Ik zie mezelf daar al staan bij de diplomering, eindelijk dat papiertje in mijn handen, familie en vrienden erbij, feest. Ik weet zelfs al welke jurk ik ga aantrekken!”. Er volgde gelach, maar praten over de diplomering en over hoe ‘het leven na school’ er uit zou zien, zorgde voor ontspanning én de motivatie om weer verder te gaan. 

 

 

Everything you can imagine is real

Of het visualiseren van succes heeft bijgedragen aan hun afstuderen een paar maanden later weet ik niet, maar de kracht van verbeelding is een onderwerp waarover veel geschreven is. Niet alleen door onderzoekers, maar ook door kunstenaars. Een uitspraak die mij heel erg aanspreekt is “everything you can imagine is real”. Er bestaat discussie over wat Pablo Picasso bedoeld zou hebben met zijn uitspraak, vooral over het woord ‘real’. Want wanneer is iets ‘echt’? We kijken allemaal met onze eigen blik naar datgene dat we in het dagelijks leven ‘de werkelijkheid’ noemen. We nemen niet alleen waar, maar moeten de binnengekomen informatie ook selecteren, organiseren en interpreteren. Dat doen we niet allemaal hetzelfde. Kunstenaars bijvoorbeeld hebben vaak een heel ‘eigen’ manier om naar de werkelijkheid te kijken.

 

 

Verbeelding

Bovendien gaan kunstenaars vaak nog verder. Ze kijken niet alleen maar naar ‘de werkelijkheid’, maar gebruiken hun verbeelding. Picasso zelf deed dat volop, maar ook – dichter bij huis – is dit terug te zien bij bijvoorbeeld theatermakers zoals de Cliniclowns. Misschien ken je hun werkwijze van de reclames met de slogan ‘dan heeft u net de kracht van verbeelding ervaren’. Een dementerende mevrouw die zichzelf inbeeldt dat ze operazangeres is, of een giechelend jongetje in het ziekenhuis dat meegenomen wordt in een verhaal waarin zijn knuffeldieren het ziekenhuis op stelten zetten. Het podium en de dieren zijn werkelijkheid voor wie er in meegaat. Deze ‘ingebeelde werkelijkheid’ heeft voor de betrokkenen bestaansrecht: hij is ‘real’.

 

 

Verbeelding en realiteit

Als zelfs de informatie uit de ‘echte wereld’ al verschillend geïnterpreteerd kan worden, is er dan wel zoveel verschil tussen realiteit en verbeelding? Lev Vygotsky (2004) geeft aan dat verbeelding altijd bestaat uit elementen uit de realiteit, komend vanuit eerdere ervaring. De dementerende mevrouw kan zich alleen inleven in een operazangeres wanneer ze eerder een voorstelling gezien heeft of zelf gezongen heeft. De portretten van Picasso zijn uit zijn verbeelding ontstaan, maar bestaan nog altijd uit herkenbare elementen. Vygotsky geeft aan dat hoe rijker en gevarieerder je ervaring is, hoe meer materiaal je hebt voor je verbeelding. Dat leidt tot de conclusie dat je een rijke verbeelding kunt stimuleren door ook een ‘rijk’ dagelijks leven op te zoeken.

 

 

Visualiseren

Everything you can imagine is real dus. Als jij het je kunt verbeelden, bestaat het en kun je er van genieten, er ontroerd door worden of bang voor zijn. Het spook in een halfdonkere kinderkamer (in werkelijkheid een stapel kleren op een stoel) is misschien niet echt, maar de angst die het kind voelt is dat wel. Je lichaam en hersenen maken namelijk niet altijd onderscheid tussen wat ‘werkelijkheid’ is en wat is ingebeeld. Keith Randolph (2002) beschrijft een onderzoek van de psycholoog Alan Richardson, die de kracht van visualisatie onderzocht in een experiment onder drie groepen studenten. De eerste groep studenten oefende twintig dagen op het gooien van vrije worpen, de tweede groep mocht niet oefenen en de derde groep mocht het oefenen alleen 20 minuten per dag visualiseren. Niet daadwerkelijk gooien dus, alleen het werpen van de basketbal visualiseren. De tweede groep liet – niet verrassend – geen verbetering zien gedurende de periode, maar de eerste en derde groep verbeterden zich vrijwel net zo sterk. Visualiseren had dus net zoveel zin als het daadwerkelijk fysiek oefenen. Als puber had ik de kracht van verbeelding overigens ook door, want ik heb nogal eens de avond voor mijn klarinetles (wéér niet geoefend) vingerzettingen geoefend met mijn bladmuziek en een zaklamp onder de dekens. Een klarinet? Nergens voor nodig, die bedacht ik er gewoon bij.

 

 

Visualiseer jezelf succesvol

De kracht van verbeelding is ook opgepikt door schrijvers van zelfhulpboeken, zoals ‘The Miracle Morning’ van Hal Elrod. In het boek legt hij uit dat je een succesvoller, rijker en bevredigender bestaan kunt bereiken door onder andere elke ochtend te visualiseren wat je wilt bereiken. Afvallen? Stel je voor hoe het zou voelen om je droomfiguur te hebben. Wil je hogerop in je werk? Visualiseer dan hoe je op je werk rond zou lopen: de taken die je zou doen, hoe dat zou voelen. Mijn studenten deden hetzelfde, en doordat ze zich konden voorstellen hoe het zou zijn om een diploma te behalen, werd het ook ineens een reële mogelijkheid: een doel waar je naar toe kunt werken.

 

 

De kracht van verbeelding in de kunst

Aangezien het citaat van Pablo Picasso afkomstig is, is het logisch dat de kracht van verbeelding ook toepasbaar is op het maakproces binnen de kunst. Om iets werkelijkheid te laten worden (uit te voeren op een doek bijvoorbeeld), moet je het je eerst kunnen voorstellen. Je kunt je visualiseren hoe het beeld eruit komt te zien, jezelf inspireren als het ware. In mijn ervaring is dat alleen wel wat lastiger dan het lijkt. Vaak is datgene dat je je voorstelt namelijk bij lange na niet compleet. Je ziet flarden van iets dat je zou kunnen maken, maar ook hele stukken niet. Het is geen letterlijk plaatje waarvan je kunt zeggen “nou, alleen nog even in elkaar zetten”. Frustrerender nog: er zit nooit een routebeschrijving bij, wat lastig is wanneer je verbeeldingskracht sterker is dan je vaardigheden.

 

Een andere valkuil: ik heb het vage vermoeden dat het citaat ook de andere kant op werkt. Wanneer je diep in je hart denkt dat iets niet zal lukken, ben je meer bezig met het visualiseren van mislukking. Deze self-fulfilling prophecy wordt mooi geïllustreerd door een ander citaat, dat van Henry Ford:

 

“Of je nu denkt dat je het kan of denkt dat je het niet kan, je hebt gelijk”

 

Herken je de woorden “dit wordt niks”? Niet meer doen dus. Repeat after me: “dit wordt prachtig!”.

 

 

Bronnen:

Elrod, H. (2017). The miracle morning. The 6 habits that will transform your life before 8AM. Londen: Hodder & Stoughton.

Randolph, K. (2002). Sports visualisations. Geraadpleegd van http://www.llewellyn.com/encyclopedia/article/244.

Vygotsky, L. S. (2004). Imagination and creativity in childhood. Journal of Russian and East European Psychology, Vol. 42, pp. 7–97.

 

 

2 Comments
  • Ina Hoeneveld

    Hallo Irene,
    Je hebt wederom een interessant stuk geschreven, en je eindconclusie zie ik dagelijks om me heen gebeuren. De zin “dit wordt prachtig!” ga ik in schoonschrift op de tekenplanken schilderen.
    groet Ina

    14 september 2018 at 13:41 Beantwoorden
  • Irene van Krieken

    Dankjewel! Ik moest van mijn pianolerares vroeger “wat een mooie melodie” schrijven in mijn bladmuziek op de momenten dat ik vooral “dit lukt nooit” dacht. Lijkt me een mooi experiment om dat hetzelfde via je tekenborden te proberen. Ik moet zelf denk ik ook even een herinnering ophangen ergens 😉

    14 september 2018 at 16:20 Beantwoorden

Post a Comment