Top

Creativiteit krijg je niet voor niks

Ik vermaak me deze bloedhete zomer vooral door zo stil mogelijk (en vooral niet in de zon) te zitten, dus dat levert veel tijd op om te lezen. Eén van de boeken die ik met veel interesse gelezen heb, is het in 2016 verschenen ‘Creativiteit krijg je niet voor niks’ van Carsten de Dreu en Daniel Sligte. Zij gaan in op vragen als ‘Kun je creativiteit leren?’ ‘Welke processen in je hersenen spelen hierbij een rol?’ en ‘Zijn linkshandigen creatiever?’.

 

 

Een flexibel of volhardend brein?

 

‘Creativiteit krijg je niet voor niks’ leest als een trein en is verankerd in wetenschappelijk onderzoek. Er wordt ingegaan op mythes rondom creativiteit en er wordt duidelijk wat je kunt doen om creativiteit te bevorderen (en wat geen enkele zin heeft). Eén van de meest interessante inzichten vind ik het onderscheid dat de auteurs maken tussen twee voorkeursbenaderingen van creatieve taken.

 

De eerste benadering wordt vooral ingezet door mensen met een zogenaamd ‘flexibel brein’. Zij divergeren en associëren gemakkelijk, leggen snel verbindingen. Vaak zijn dit mensen met een meer extraverte, open persoonlijkheid. Zij zijn gebaat bij prikkels en ruimte om met veel ideeën te komen. Zo komen sommige kunstenaars tot creativiteit door van omgeving te veranderen, door te reizen bijvoorbeeld. Mensen die een voorkeur hebben voor de flexibele benadering zijn over het algemeen niet bang om te falen: ze durven risico’s aan te gaan en richten zich op positieve uitkomsten.

 

Creativiteit krijg je niet voor niksDe tweede benadering is de meer gestructureerde en systematische aanpak en wordt vooral gehanteerd door mensen die volgens de auteurs een ‘volhardend brein’ hebben. Mensen met een volhardend brein werken meer stap voor stap: analytisch en grondig. Vaak zijn dit mensen die een meer introverte persoonlijkheid hebben. Zij kunnen dezelfde mate van creativiteit laten zien, maar hebben voor hun werkwijze meer tijd en energie nodig. Ze komen vooral tot hun recht wanneer hun creativiteit functioneel is: leidt tot een doel. Zij vermijden falen liever en zijn daarom risicomijdend. In tegenstelling tot mensen met een meer flexibel brein is deze groep gebaat bij een rustige, prikkelarme omgeving met meer tijd en ruimte voor pauze.

 

 

Introvert? Ruim je rommel op!

 

Beide groepen kunnen dus creatieve prestaties leveren, maar gedijen beter onder andere omstandigheden. Dit is overigens wel slecht nieuws wanneer je – net als ik – jezelf in de tweede categorie herkent, want het excuus ‘mijn huis is zo rommelig want dat moet als je creatief wilt zijn’ kun je in dat geval het raam uit gooien. Aan de andere kant laat dit ook zien dat niet alle planeten in de juiste stand hoeven te staan voordat je tot creativiteit kunt komen: hard werken en stap voor stap tot een resultaat komen kan ook.

 

 

Zijn linkshandigen creatiever?

 

Om terug te komen op de laatste vraag in de inleiding: nee sorry, als linkshandige ben je niet creatiever dan een rechtshandige. Dit werd vroeger wel voorzichtig verondersteld, omdat linkshandigheid gelinkt kan worden aan een dominante rechterhersenhelft en bij creatieve taken de rechterhersenhelft een verhoogde activatie laat zien. Uit ‘Creativiteit krijg je niet voor niks’ blijkt wel dat mensen zonder duidelijke voorkeurshand (ambidextrale mensen) wat creatiever zijn. Mogelijk wordt dit veroorzaakt doordat hun analytische en intuïtieve hersenhelft beter verbonden zijn en beter samenwerken dan het brein van links- of rechtshandigen.

 

 

Aantrekkelijke vrouwen bekijken maakt je creatief

 

Wanneer maak je dan wel een goede kans om creatiever te zijn dan gemiddeld?

  • Wanneer je de trotse bezitter bent van een goed werkgeheugen. Op het moment dat je werkgeheugen belast wordt, ben je minder beschikbaar voor creatieve taken. Iemand die een groter werkgeheugen heeft, heeft dus letterlijk meer ruimte voor creativiteit en krijgt ook vaker creatieve inzichten.
  • Wanneer je in een ‘activerende stemming’ bent: dat geldt met name voor blijdschap maar ook voor boosheid. De blues hebben om tot creativiteit te komen is dus niet noodzakelijk.
  • Misschien onverwacht: wanneer je volwassen bent. Op sommige punten zijn kinderen creatiever (ze zijn bijvoorbeeld spontaner dan volwassenen), maar op veel punten scoren volwassenen beter. Voor creativiteit is namelijk bijvoorbeeld ook studie, oefening en ervaring nodig, waar je als volwassene meer gelegenheid voor hebt gehad.
  • Waarschijnlijk nog onverwachter: wanneer je een man bent die net een aantrekkelijke vrouw gezien heeft. Creativiteit maakt indruk en mannen deden in onderzoek meer hun best op creatieve taken nadat ze foto’s van aantrekkelijke alleenstaande vrouwen hadden bekeken. Overigens trad dit effect bij vrouwen veel minder op. Dat hoeft je als vrouw natuurlijk niet tegen te houden om foto’s van aantrekkelijke mannen te bekijken; je wordt er alleen niet creatiever van.

 

Tot slot

 

Uiteraard geeft ‘Creativiteit krijg je niet voor niets’ geen waterdicht antwoord op alle vragen. Dat kan ook niet, want het onderzoek naar neuropsychologische processen is nog lang niet voltooid. Daarom worden veel conclusies ook terecht voorzichtig geformuleerd. Ik vind het boek echt een aanrader, niet alleen voor vanuit het oogpunt van de kunst, maar ook voor bijvoorbeeld het onderwijs (hoe begeleid je een groep studenten bij het uitvoeren van een gezamenlijke creatieve opdracht?) of organisatie (waarom heeft gezamenlijk brainstormen zo weinig positief effect op de creativiteit in je organisatie?). Het laat je situaties herkennen die je creativiteit belemmeren, maar ook hoe je situaties kunt opzoeken die je creativiteit bevorderen.

 

Bron: Dreu, C. de. & Sligte, D. (2016). Creativiteit krijg je niet voor niks. De psychologie van creativiteit in werk en wetenschap. Assen: Koninklijke Van Gorcum.

 

No Comments

Post a Comment